Succes is niet te koop |
Tot op zekere hoogte is succes te koop in de sport. Pak een willekeurige sport en er zijn altijd clubs die de beste spelers aantrekken en daardoor hoog op de ranglijst staan. Of het nou om voetbal, volleybal of waterpolo gaat.
Toch krijg je geen garanties dat je een kampioensploeg bij elkaar koopt en dat is maar goed ook. Dat blijft toch het mooie van sport. Neem nou de voetbalclubs Real Madrid of Chelsea. Ze kopen de beste spelers en toch kunnen ze niet van Barcelona of Manchester United winnen. Deze clubs zullen toch langduriger moeten investeren in organisatie, jeugdopleiding en teamcohesie.
Vorige maand bijvoorbeeld was ik te gast bij de basketbalfinale tussen Leiden en favoriet Groningen. Groningen had de beste spelers gekocht en werkt met een budget dat drie keer zo hoog is als dat van Leiden. Toch wordt Leiden kampioen van Nederland.
Naar de reden zoeken blijft altijd lastig, zeker als ‘outsider’. Toch schat ik in dat Leiden over een “groter hart” beschikte dan Groningen. De spelers wilden er simpelweg harder voor werken en dieper voor gaan, dat kon je zien. Groningen viel teveel terug op hun talent en met talent alleen red je het niet altijd.
Daarnaast zorgde de coach ook voor een paar procent verschil in Leids voordeel, denk ik. De verstandhouding tussen de spelersgroep en de coach is erg belangrijk. Als daar ruis op de lijn zit, gaat het meestal niet goed. Je kon gewoon zien dat de synergie bij de Groningers en hun coach Marco vd Berg weg was. Een half jaar geleden werd al aangekondigd dat zijn contract niet verlengd werd en dat zag je terug in en langs het veld.
De manier waarop “oude rot in het vak” Toon van Helfteren zijn manschappen toesprak was indrukwekkend en professioneel tegelijkertijd. Uiteindelijk wint Leiden in de zevende en beslissende wedstrijd met 1 punt verschil na drie verlengingen. Als je er dan vanuit gaat dat de coach een paar procent verschil kan maken dan heeft Van Helfteren zijn ploeg kampioen gemaakt. Ere wie ere toekomt !
Afgelopen weekend was er ook weer een prachtig voorbeeld. De Champions League finale tussen Partizan Belgrado uit Servië en Pro Recco uit Italië. De wedstrijd werd gespeeld in Rome dus de Italianen waren in dat opzicht al in het voordeel, wat in het waterpolo (rol van de scheidsrechters) niet onderschat moet worden. Daarnaast wilde de voorzitter van Pro Recco zo graag de cup met de grote oren winnen dat hij op iedere positie de beste speler ter wereld had gekocht.
Zo kan het dus zijn dat Recco met 3 Italianen, 3 Hongaren, 3 Serviërs, 2 Spanjaarden, een Kroaat en een midvoor uit Montenegro aantrad. Terwijl Partizan met 13 landgenoten begon. Eigenlijk is het voor een coach onbegonnen werk om van 13 topsterren een goed samenwerkend team te maken. Alleen dat was in Italië nog niet echt doorgedrongen.
In het begin ging het nog gelijk op maar vanaf de derde periode was Partizan heer en meester. De supersterren aan de andere kant konden het niet opbrengen om hard voor elkaar te werken en iedereen wilde de wedstrijd te geforceerd naar zich toe trekken. Daarnaast zag je ook dat de meeste supersterren altijd meer op hun talent geteerd hebben en minder op hun werklust. Wat voor Recco geldt, gold ook voor de basketballers van Groningen. Er moet o.a. een bepaalde “gretigheid” in je ploeg zitten om optimaal te presteren en bij beide ploegen heb ik het niet gezien. Uiteindelijk won Partizan zeer overtuigend met 11-7 van Recco en toen de Serviërs de beker optilden droop het sterrenensemble met de staart tussen de benen af.
Dat de Italiaanse voorzitter er helemaal niets van begrepen heeft is inmiddels wel duidelijk. Een dag na de verloren finale kocht hij een superster uit Kroatië en weer een dag daarna kocht hij een Servische superster, juist ja, de beste speler van Partizan Belgrado. Ongelooflijk, wat een wanbeleid !
RvG (10-06-11)
Terug





